ELCHANAN | Gastenboek | REAGEREN ?? | Joodse vluchtelingen | Yeshua en het midden oosten conflict | zonder kleur van de media | Nieuws rechtstreeks uit Israël | Valse berichtgevingen over Israël | De moefti van Jeruzalem. | HOE LANG NOG .............. | WIE ISRAEL HAAT......... | CHAOS ! | SAMARIA en JUDEA | Het geheime wapen van Israël | Messiaanse profetieën | Bezette gebieden ?? | Islam en Christendom | Liegen in de Islam | Uw Volk is mijn volk. | Israël: Vrede of het einde ? | De laatste dagen. | De Thora | De Thora 2 | De boodschap in de Tenach | FOTO'S RONDOM JERUSALEM | Interessante links | Palestina. (studie) | Bruiloft te Kana (studie) | Kerstfeest (studie) | Chanuka (studie) | Joodse identiteit van de gemeente (studie) | De Naam YESHUA (studie) | Wekenfeest - Pinksteren (studie) | waarom strijd in Midden Oosten ? | Terrorist vindt Jezus | 2 + 2 = 4 | Wat God echt wil..... | Wees eerlijk !!! | Wat met de toekomst ? | Geen tijd voor Yeshua | De Nederlandse media en Israël | De strijd is begonnen.... | Verzoening tussen Jood en Arabier | Identiteit van de palestijnen. | Israël liefhebben vanuit Gods hart. | HIEP HIEP HOERA ??? | Zicht op onze Joodse wortels | De namen die Israël vormen. | HOEZO BEZETTING ? | De roep van de Sjofar | JAHWE en allah dezelfde ?? | Een nieuwe hemel, een nieuwe aarde | Het islamitisch geloofsdogma | God is één ; Adonai Echad ! | Poeriem / Najaarsfeesten. | The passion of CHRIST | Messias belijdend jodendom. | De tranen van Jezus | Politiek of Bijbels Zionisme ? | Slippendragers van satan | Hitler en Israël | Bief aan minister Bot | De Kruisiging | Speciaal voor jou !! | Terreur ?!? | De islam | Israël en Europa | Arafat is dood....nu eindelijk de waarheid | tekenen der tijden | Sabbath vieren | PROFETISCHE TEKENEN | De les der geschiedenis.

 

Door Werner Stauder

 

WEKENFEEST - PINKSTEREN - SHAVUOT

tvivb>h9gx

Inleiding

Deze bijbelstudie gaat over het Wekenfeest, tvivb> Shavuot, dat oorspronkelijk een boerenfeest was, maar dat bij de christenen onder de naam Pinksteren (afgeleid van het Griekse woord penthkosth pentekoste) slechts bekend is vanwege de uitstorting van de Heilige Geest. Maar het was op de eerste plaats een ryjqh gx Chag haQatzir, een oogstfeest, want vol vreugde bracht het volk IsraŽl de eerstelingen als dank aan de Eeuwige voor de rijke opbrengst van de oogst. Daarom wordt het ook evenals de eerste zondag van Pesach de Dag van de eerstelingen genoemd: ,yrvkbh ,vy Yom haBikurim. Over de eerstelingen van de tarweoogst (Pesach), de eerstelingen van de gersteoogst (Shavuot) en de eerstelingen van de mensenoogst (Pinksteren) lezen wij in de Heilige Schriften het volgende:

De instelling van Shavuot:

"Dit zijn de feesttijden van de Eeuwige, heilige samenkomsten, die gij uitroepen zult op de daarvoor bepaalde tijd: in de eerste maand (Nisan), op de veertiende der maand, in de avondschemering, is het Pesach voor de Eeuwige. En op de vijftiende dag van deze maand is het Chag haMatzot [feest der ongezuurde broden] voor de Eeuwige, zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten. Spreek tot de IsraŽlieten en zeg tot hen: Wanneer gij komt in het land dat Ik u geef, en de oogst daarvan binnenhaalt, dan zult gij de eerstelingsgarve van uw oogst naar de priester brengen, en hij zal de garve voor het aangezicht van de Eeuwige bewegen, opdat gij welgevallig zijt; daags na de Shabat zal de priester die bewegen. Dan zult gij tellen van de dag na de Shabat, van de dag waarop gij de garve van het beweegoffer gebracht hebt: zeven volle weken zullen het zijn; tot de dag na de zevende Shabat zult gij tellen, vijftig dagen; dan zult gij een nieuw spijsoffer de Eeuwige brengen. Uit uw woonplaatsen zult gij twee beweegbroden meebrengen; uit twee tienden efa fijn meel zullen zij bereid worden, gezuurd zullen zij gebakken worden, eerstelingen voor de Eeuwige. Bij het brood zult gij zeven gave eenjarige schapen offeren en een jonge stier en twee rammen; zij zullen een brandoffer voor de Eeuwige zijn, met de bijbehorende spijsoffers en plengoffers, een vuuroffer tot een liefelijke reuk voor de Eeuwige. Dan zult gij een geitebok ten zondoffer, en twee eenjarige schapen ten vredeoffer bereiden. En de priester zal ze bewegen, bij het brood der eerstelingen, als beweegoffer voor het aangezicht van de Eeuwige bij de twee schapen: zij zullen de Eeuwige heilig zijn, zij zijn voor de priester. Op deze zelfde dag zult gij een oproep doen uitgaan, gij zult een heilige samenkomst hebben, generlei slaafse arbeid zult gij verrichten; het is een altoos durende inzetting, in al uw woonplaatsen, voor uw geslachten. Wanneer gij de oogst van uw land binnenhaalt, dan zult gij de rand van uw veld bij uw oogst niet geheel afmaaien, en wat van uw oogst is blijven liggen, zult gij niet oplezen; dat zult gij voor de arme en de vreemdeling laten liggen: Ik ben de Eeuwige, uw Gíd" (arqyv Vayiqíra [Leviticus] 23:4-6, 10-11 en 15-22). "En op Yom haBiqurim [de dag der eerstelingen], wanneer gij een nieuw spijsoffer de Eeuwige brengen zult, op uw Chag Shavuot [feest der weken], zult gij een heilige samenkomst hebben, gij zult generlei slaafse arbeid verrichten." (rbdmb Bamidíbar [Numeri] 28:26). "Zeven weken zult gij tellen: van dat de sikkel voor het eerst in het staande koren geslagen wordt, zult gij zeven weken beginnen te tellen. Dan zult gij Chag Shavuot [het feest der weken] vieren ter ere van de Eeuwige, uw Gíd, naar de mate van de gaven, die gij vrijwillig geven zult, naar dat de Eeuwige, uw Gíd, u gezegend heeft; gij zult u verheugen voor het aangezicht van de Eeuwige, uw Gíd, gij met uw zoon en uw dochter, uw dienstknecht en uw dienstmaagd, met de Leviet, die binnen uw poorten woont, en met de vreemdeling, de wees en de weduwe, die in uw midden zijn, op de plaats die de Eeuwige, uw Gíd, verkiezen zal om Zijn Naam daar te doen wonen. Gij zult gedenken, dat gij een dienstknecht geweest zijt in Egypte en gij zult deze inzettingen naarstig onderhouden." (,yrbd Dívarim [Deuteronomium] 16:9-12).

De verschijning op de berg Sinai

"In de derde maand (Sivan) na de uittocht der IsraŽlieten uit het land Egypte, op dezelfde dag, kwamen zij in de woestijn Sinai. Nadat zij van Refidim opgebroken waren, kwamen zij in de woestijn Sinai en legerden zich in de woestijn; en IsraŽl legerde zich daar tegenover de berg. Toen klom Moshe [Mozes] op tot Gíd, en de Eeuwige riep tot hem van de berg, en zeide: Zo zult gij zeggen tot het huis van Yaíaqov [Jakob] en meedelen aan de IsraŽlieten: gij hebt gezien, wat Ik de Egyptenaren heb aangedaan, en dat Ik u op arendsvleugelen gedragen en tot Mij gebracht heb. Nu dan, indien gij aandachtig naar Mij luistert en Mijn verbond bewaart, dan zult gij uit alle volken Mij ten eigendom zijn, want de ganse aarde behoort Mij. En gij zult Mij een koninkrijk van priesters zijn en een heilig volk. Dit zijn de woorden die gij tot de IsraŽlieten spreken zult. Toen kwam Moshe en ontbood de oudsten van het volk en legde hun al deze woorden die de Eeuwige hem geboden had, voor. En het gehele volk antwoordde eenparig: Alles wat de Eeuwige gesproken heeft, zullen wij doen. En Moshe bracht de woorden van het volk weder aan de Eeuwige over. Daarna zeide de Eeuwige tot Moshe: Zie, Ik kom tot u in een donkere wolk, opdat het volk kan horen, wanneer Ik met u spreek, en zij ook voor altoos in u geloven. En Moshe deelde de woorden van het volk aan de Eeuwige mee. En de Eeuwige zeide tot Moshe: Ga tot het volk; heilig hen heden en morgen, en laten zij hun klederen wassen. En tegen de derde dag zullen zij gereed zijn, want op de derde dag zal de Eeuwige nederdalen voor de ogen van het gehele volk op de berg Sinai. Daarom zult gij het volk buiten een bepaalde kring houden en zeggen: Wacht er u voor de berg te bestijgen, of maar de voet ervan aan te raken; ieder die de berg aanraakt, zal zeker ter dood gebracht worden. Geen hand zal hem aan raken, want dan zal men zeker gestenigd of met pijlen doorschoten worden; hetzij dier hetzij mens, hij zal niet blijven leven. Eerst bij de langgerekte toon van de Shofar [hoorn] mogen zij de berg bestijgen. Toen daalde Moshe de berg af naar het volk; hij heiligde het volk en zij wiesen hun klederen. En hij zeide tot het volk: Weest over drie dagen gereed, nadert niet tot een vrouw. En het geschiedde op de derde dag, toen het morgen werd, dat er donderslagen en bliksemstralen en een zware wolk op de berg waren en zeer sterk Shofargeschal, zodat al het volk dat in de legerplaats was, beefde. Toen leidde Moshe het volk uit de legerplaats Gíd tegemoet en zij stelden zich op onder aan de berg. En de berg Sinai stond geheel in rook, omdat de Eeuwige daarop nederdaalde in vuur; de rook daarvan steeg op als de rook van een oven, en de gehele berg beefde zeer. Het geluid van de Shofar werd gaandeweg zeer sterk. Moshe sprak, en Gíd antwoordde hem in de donder. Toen daalde de Eeuwige neder op de berg Sinai, op de bergtop, en de Here riep Moshe naar de bergtop, en Moshe klom naar boven. Daarna zeide de Eeuwige tot Moshe: Daal af, waarschuw het volk, dat zij niet doordringen tot de Eeuwige om iets te zien; dan zouden velen van hen vallen. En ook de Kohanim [priesters] die tot de Eeuwige naderen, zullen zich heiligen, opdat de Eeuwige niet tegen hen losbreke. Toen zeide Moshe tot de Eeuwige: Het volk kan de berg Sinai niet bestijgen, want gij hebt ons gewaarschuwd: zet de berg af en heilig hem. Daarop zeide de Eeuwige tot hem: Ga, daal af en klim met Aharon naar boven; maar de priesters en het volk mogen niet doordringen om tot de Eeuwige op te klimmen, opdat Hij niet tegen hen losbreke. Toen daalde Moshe af tot het volk en zeide het hun." (tvm> Shímot [Exodus] 19:1-25).

De Tien Woorden

Toen sprak Gíd al deze woorden: Ik ben de Eeuwige, uw Gíd, die u uit het land Egypte, uit het diensthuis, geleid heb. Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben. Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is. Gij zult u voor die niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de Eeuwige, uw Gíd, ben een naijverig Gíd, die de ongerechtigheid der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde en aan het vierde geslacht van hen die Mij haten, en die barmhartigheid doe aan duizenden van hen die Mij liefhebben en Mijn geboden onderhouden. Gij zult de naam van de Eeuwige, uw Gíd, niet ijdel gebruiken, want Adonai zal niet onschuldig houden wie Zijn naam ijdel gebruikt. Gedenk Yom Shabat [de sabbatdag], dat gij die heiligt; zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de Shabat van de Eeuwige, uw Gíd; dan zult gij geen werk doen, gij noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienst-maagd, noch uw vee, noch de vreemdeling die in uw steden woont. Want in zes dagen heeft de Eeuwige de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte op de zevende dag; daarom zegende de Eeuwige Yom Shabat [de sabbatdag] en heiligde die. Eer uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat de Eeuwige, uw Gíd, u geven zal. Gij zult niet doodslaan. Gij zult niet echtbreken. Gij zult niet stelen. Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste. Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is. En het gehele volk was getuige van de donderslagen, de bliksemstralen, het geluid van de Shofar en de rokende berg. Toen het volk het zag, beefde het en bleef van verre staan." (tvm> Shímot [Exodus] 20:1-18).

Ruach haQodesh

"En toen Chag Shavuot [de Pinksterdag] aanbrak, waren allen tezamen bijeen. En eensklaps kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en vulde het gehele huis, (het ligt voor de hand dat hiermee de Tempel bedoeld is, die er toen nog stond, want de discipelen hielden zich nauwkeurig aan de voorschriften) waar zij gezeten waren; en er vertoonden zich aan hen tongen als van vuur, die zich verdeelden, en het zette zich op ieder van hen; en zij werden allen vervuld met Ruach haQodesh [de heilige Geest] en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken. Nu waren er Joden te Jeruzalem woonachtig, vrome mannen uit alle volken onder de hemel; en toen dit geluid gekomen was, liep de menigte te hoop en verbaasde zich, want een ieder hoorde hen in zijn eigen taal spreken. En buiten zichzelf van verwondering zeiden zij: Zie, zijn niet al dezen, die daar spreken, GalileeŽrs? En hoe horen wij hen dan een ieder in onze eigen taal, waarin wij geboren zijn? Parten, Meden, Elamieten, inwoners van MesopotamiŽ, Judea en Kapadocie, Pontus en Asia, FrygiŽ en PamfyliŽ, Egypte en de streken van LibiŽ bij Cyrene, en hier verblijvende Romeinen, zowel Joden als Jodengenoten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal van de grote daden Gíds spreken. En zij waren allen buiten zichzelf en geheel met de zaak verlegen, en zij zeiden de een tot de ander: Wat wil dit toch zeggen? Maar anderen zeiden spottend: Zij hebben te veel zoete wijn gehad! Maar Kefa [Petrus] stond met de elven op, en hij verhief zijn stem en sprak hen toe: Gij Joden en allen, die te Jeruzalem woonachtig zijt, dit zij u bekend en neemt mijn woorden ter ore. Want deze mensen zijn niet dronken, zoals gij veronderstelt, want het is het derde uur van de dag; maar dit is het, waarvan gesproken is door de profeet Yoíel [JoŽl]: En het zal zijn in de laatste dagen, zegt Gíd, dat Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouderen zullen dromen dromen: ja, zelfs op Mijn dienstknechten en Mijn dienstmaagden zal Ik in die dagen van Mijn Ruach [Geest] uitstorten en zij zullen profeteren. - En met nog meer andere woorden getuigde hij, en hij vermaande hen, zeggende: Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht. Zij dan, die zijn woord aanvaardden, lieten zich dopen en op die dag werden ongeveer drieduizend zielen toegevoegd." (tvlipm Mifalot [Handelingen] 2:1-18, 40-41).

De vijftigste dag

De Eeuwige zegt in de Tora dat Zijn volk IsraŽl zeven volle weken moest tellen vanaf de dag dat men de eerstelingsgarve van de gersteoogst in de tempel bracht tot op de dag dat men opnieuw een spijsoffer voor de Eeuwige moest brengen. Ditmaal is het geen garve, geen schoof zoals bij het feest der ongezuurde broden, maar bestaat het offer uit twee gezuurde broden. De garve die op Yom haBikurim [de dag der eerstelingen] naar de tempel werd gebracht, was de eersteling van de gersteoogst en het offer van de twee eerstelingenbroden op het feest der weken tekent het begin van de tarweoogst. Daarom wordt Shavuot terecht in Numeri 28:6 eveneens Yom haBikurim [dag der eerstelingen] genoemd. Hierdoor is er een direct verband tussen Pesach en Shavuot, Pasen en Pinksteren. Yeshua, die op Yom haBiqurim is opgestaan, is de Eersteling uit de doden en de drieduizend zielen die na de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag (Shavuot) aan de gemeente werden toegevoegd, waren de eerstelingen van de mensenoogst! Het is dus geen toeval dat Shavuot op de eerste plaats een dankdag is voor de oogst, een oogstfeest, en daarom zijn op die dag de synagogen en huizen prachtig versiert met veel groen, bladplanten, veldvruchten en verse bloemen. Volgens de oudste bron heet Shavuot ook oorspronkelijk Ďfeest van de oogstí, ofwel in het Hebreeuws ryjqh gx Chag haQatzir (tvm> Shímot [Exodus] 23:16). Het tellen van de zeven weken tussen Pesach en het wekenfeest heet rmvih trypc Sefirat haOmer [de omertelling]. Mijn vorige studie was geheel aan dit onderwerp gewijd en het zou goed zijn om die eerst te lezen alvorens met de huidige bijbelstudie verder te gaan. Na deze zeven weken, zeven Shabatot en zeven maal zeven dagen valt Shavuot dus op de vijftigste dag. Dit blijkt ook uit de Griekse naam van dit feest in het Nieuwe Testament, want daar wordt Shavuot namelijk Ďde vijftigsteí (penthkosth pentekoste) genoemd. Het ons bekende woord Pinksteren (in het Engels Pentecost) is hiervan afgeleid. In de Talmud wordt Shavuot ook trji Atzeret [slotfeest] genoemd, want de wijzen zagen die dag als de afsluiting van Pesach. De Rebbe van Slonym zegt dat pas op het moment dat de Tora [wet] aan Moshe [Mozes] werd gegeven er van een echte bevrijding sprake kon zijn want de Mishna in Pirke Avot 6:2 leert ons: "Er is geen vrijheid dan de Tora". Ook hij ziet Shavuot dus als een afsluitend feest voor de bevrijding van het Joodse volk. Dit is volgens hem dan ook de reden dat er in de Tora geen specifieke datum voor Shavuot is gegeven, maar dat deze afhangt van Pesach, het begin van de bevrijding. Het Wekenfeest moet men dus zien als de vervolmaking van deze bevrijding, want in tegenstelling tot de overige Moadim noemt de Tora inderdaad geen vaste datum voor de viering van Shavuot, maar geeft slechts aan, dat men vanaf de dag na de Shabat, dus de dag van de eerstelingen, zeven volle weken moet tellen. Dit schijnt een oeroud twistpunt te zijn geweest, want het leidde tot een heel felle debat in het Sanhedrin tussen de twee grote politieke en religieuze facties Pírushim [FarizeeŽn] en Tzaduqim [SadduceeŽn] over de dag waarop Shavuot precies gevierd moet worden. Oorzaak van het geschil was de Toratekst zelf. Men was het namelijk met elkaar niet eens wat Ďde dag na de Shabatí betekende. Sloeg het woord Shabat op de wekelijkse rustdag of op de eerste dag van het feest, die als het ware een extra Shabat is omdat er op die dag niet gewerkt wordt? Helaas waren de FarizeeŽn van mening dat dit op het laatste sloeg, dus op de eerste dag van Pesach, de 15e Nisan, en zo werd het binnen het rabbijnse jodendom traditie tot de dag van vandaag de omer te tellen vanaf de tweede dag van Pesach, dus de 16e Nisan, waardoor Shavuot voor altijd uitkwam op de 6e Sivan, ongeacht welke dag van de week het is. De SadduceeŽn, maar ook de Rabbanieten en de KaraÔeten daarentegen vonden dat men het woord Shabat letterlijk moet nemen en dat hier de gewone wekelijkse Shabat mee bedoeld is, die binnen de pesachweek valt, ongeacht op welke datum. In hun visie valt Yom haBiqurim [de dag der eerstelingen] dus altijd op een zondag en logischerwijs hieraan gekoppeld zou dus ook Shavuot altijd op een zondag vallen. Deze visie wordt ondersteund door zowel het paasevangelie alsook door de Tora zelf! Meestal ben ik het met de SadduceeŽn niet eens, maar in dit geval moet ik ze wťl gelijk geven, maar helaas: de SadduceeŽn zijn in de loop der eeuwen verdwenen en met hen ook deze visie. De Farizeese opvatting echter is gebleven en zo viert elke Jood, orthodox en liberaal, het wekenfeest als vaste prik op de 6e Sivan en buiten IsraŽl ook nog op de 7e Sivan. Elke Jood? Volstrekt niet! De messiasbelijdende Joden en wat er van de KaraÔeten nog over is delen de Sadduceese opvatting en beginnen derhalve de omer te tellen vanaf de opstandingsdag van Yeshua haMashiach, die zoals bekend op de eerste dag der week plaats vond en wijken daarmee af van de officiŽle Luach [agenda]. En toch weten zij zich hierin ook door de Tora gesteund, want er staat namelijk niet alleen geschreven, dat men vanaf de dag nŠ de Shabat moet tellen, maar ook dat men tot de dag nŠ de zevende Shabat moet tellen (Lev. 23:15-16)! Er is hier dus sprake van zeven volle weken en zeven Shabatot, en daar kunnen onmogelijk zeven feestdagen mee bedoeld zijn. Derhalve zal Shavuot voor ons altijd op een zondag vallen, die uiteraard reeds op de avond daarvoor na zes uur begint, na afloop van de Shabat. De Kerk uit de heidenen, die haar Pinksterfeest ook altijd op een zondag viert (ook al is die niet altijd op dezelfde datum als de onze) heeft weliswaar een kalender de hare gemaakt die van de bijbelse kalender afwijkt, maar toch vindt het feit dat Pinksteren 50 dagen na Pasen gevierd wordt, haar wortels in die pluralistische tradities van het Jodendom. De messiasbelijdende Joden betreuren het om in de viering van Shavuot zowel van de synagoge alsook van de kerk te verschillen, maar de gehoorzaamheid aan Gíds Woord staat voor ons voorop. Toch of men nu begint te tellen vanaf de tweede dag van Pesach of vanaf Yom haBiqurim of zelfs vanaf het christelijke Paasfeest, in alle drie gevallen telt men 49 dagen en komt derhalve uit op de vijftigste dag: Pinksteren! Deze 50e dag is de lange wachttijd meer dan waard, want het is een openbaringsdag! Wij lazen in het boek ,yxyl>h tvlipm Mifalot haShílichim [Handelingen der Apostelen] dat de Eeuwige Zich op deze 50e dag na de opstanding van Yeshua in Jeruzalem heeft geopenbaard door Zijn Ruach haQodesh [Heilige Geest], maar in het boek tvm> Shímot [Exodus] lazen wij ook dat Hij Zich reeds vele eeuwen eerder op de berg Sinai heeft geopenbaard op de 50e dag na de uittocht uit Egypte, want er staat geschreven: "In de derde maand na de uittocht der IsraŽlieten uit het land Egypte, op dezelfde dagÖĒ - De uittocht vond plaats in de eerste maand, dat is de maand Nisan. De aankomst bij de berg Sinai vond plaats in de derde maand, dat is de maand Sivan, en wel op dezelfde dag! De tijd die het volk IsraŽl nodig had vanaf haar vertrek uit de slavernij tot aan de openbaring op de berg Sinai loopt gelijk aan de omertijd en daarom zegt Moshe ben Maimon, beter bekend als Maimonides, de middeleeuwse Joodse geleerde (1155 - 1204), over de omertelling: "Zoals je de dagen aftelt tot iets bijzonders, zo tellen we de dagen van Pesach, de uittocht, tot Shavuot, dat is de hrvt ]tm Matan Tora [het geschenk Tora], n.l. het geestelijk vrij worden door de Tora, die de Eeuwige ons in Zijn oneindige liefde geschonken heeft, want daar is het uiteindelijk immers allemaal om begonnen." De Messiasbelijdende Joden wijzen in dit verband nadrukkelijk op het feit, dat Yeshua de vleesgeworden Tora is, zoals wij kunnen lezen in ]nxvy Yochanan [Johannes] 1:14.

Zíman Matan Toratenu

In de synagoge zijn de Bima [lessenaar] en de Aron haQodesh [Heilige Ark, de kast waarin de Torarollen worden bewaard] met prachtige bloemen versiert, en ook de met bloemen versierde woning roept de sfeer op van een bruiloft, omdat Shavuot reeds vanouds in verband wordt gebracht met de verbondssluiting, die men beschouwt als de bruiloft van de hemelse Bruidegom met Zijn aardse bruid! Het huwelijk tussen de Eeuwige en Zijn volk IsraŽl werd gesloten op de berg Sinai en bezegeld met de Tora als contract. De tien Woorden op de twee tafelen zijn een samenvatting van alle 613 geboden en verboden van de Tora en om deze reden worden zij op de eerste dag van Shavuot in de sjoel gelezen. U zult zich wel afvragen of dit ook geval zou moeten zijn in de christelijke eredienst, want de Tora is toch alleen maar voor de Joden bedoeld? De gehele Joodse leer en het hele Joodse geloof vindt haar oorsprong toch eigenlijk in de openbaring op de berg Sinai tijdens dit feest? Daar heeft u gelijk in, maar heeft de Eeuwige niet op deze Pinksterdag, die ook door de christenen wordt gevierd, Zijn wet en Zijn geboden door de uitstorting van Ruach haQodesh [de Heilige Geest] in de harten van alle gelovigen geschreven? Hij heeft dit weliswaar ťťrst aan Zijn volk IsraŽl beloofd: "Ik zal Mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven!" (vhymry Yirímíyahu [Jeremia] 31:33), maar vanaf de overweldigende manifestatie van Zijn hnyk> Shechina [tegenwoordigheid] op de Pinksterdag is zij eveneens voor de gelovigen uit de volken: "niet met inkt geschreven, maar met de Geest van de levende Gíd, niet op tafelen van Steen, maar op tafelen van vlees in onze harten!" (2 KorinthiŽrs 3:3). Op talrijke plaatsen zegt de Eeuwige in Zijn Woord, dat Hij Zijn wet, Zijn heilige Tora, met al haar geboden uit liefde zowel aan Zijn volk IsraŽl heeft geschonken als een kostbaar ]tm Matan [geschenk], maar ook aan de gelovigen uit de volken die door hun geloof in de Gíd van IsraŽl en de Messias van IsraŽl geŽnt zijn op de edele olijfboom: "…ťnzelfde wet zal gelden voor de geboren IsraŽliet en voor de vreemdeling, die in uw midden vertoeft." (tvm> Shímot [Exodus] 12:49). "Wat de gemeente betreft, ťťnzelfde inzetting zal gelden zowel voor u als voor de vreemdeling die bij u vertoeft; een altoosdurende inzetting zal het zijn voor uw geslachten: gij en de vreemdeling zullen voor de Eeuwige gelijk zijn. …ťnzelfde wet en ťťnzelfde voorschrift zal gelden zowel voor u als voor de vreemdeling die bij u vertoeft." (rbdmb Bamidbar [Numeri] 15:15-16). Om deze reden schrijft Shaíul [Paulus] dan ook dat er: "geen onderscheid is tussen Griek en Jood, besneden of onbesneden, barbaar en Skyth, slaaf en vrije, maar alles en in allen is de Mashiach" (Kolossenzen 3:11) en: "Hierbij is geen sprake van Jood of Griek, van slaaf of vrije, van mannelijk en vrouwelijk: gij allen zijt immers ťťn in Yeshua haMashiach." (Galaten 3:28). Dat wij echter zonder Gíds kracht niet in staat zijn om Zijn wil te volgen en Zijn geboden te onderhouden omdat wij zwakke mensen zijn, weet onze hemelse Vader maar al te goed! Vandaar Zijn belofte voor het eerste Shavuot na de opstanding van Yeshua: "Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar Mijn inzettingen wandelt en naarstig Mijn verordeningen onderhoudt." (laqzxy Yechezíqel [EzechiŽl] 36:27). - Met het oog op het aankomende Shavuot [Pinksteren], het wekenfeest waarop Moshe destijds de twee tafelen met de tien geboden heeft ontvangen, kondigde Yeshua bij de tafelgesprekken tijdens Zijn laatste sederavond van Pesach reeds de vervulling van deze profetie aan, namelijk de komst van Ruach haQodesh [de Heilige Geest]: "Wanneer gij Mij liefhebt, zult gij Mijn geboden bewaren. En Ik zal de Vader bidden en Hij zal u een andere Trooster geven om tot in eeuwigheid bij u te zijn, de Geest der waarheid, die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet; maar gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn. Ik zal u niet als wezen achterlaten. Ik kom tot u. Nog een korte tijd en de wereld ziet Mij niet meer, maar gij ziet Mij, want Ik leef en gij zult leven. Te dien dage zult gij weten, dat Ik in Mijn Vader ben en gij in Mij en Ik in u. Wie Mijn geboden heeft en ze bewaart, die is het, die Mij liefheeft; en wie Mij liefheeft, zal geliefd worden door Mijn Vader en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren! - Indien iemand Mij liefheeft, zal hij Mijn woord bewaren en Mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en bij hem wonen. Wie Mij niet liefheeft bewaart Mijn woorden niet; en het woord, dat gij hoort, is niet van Mij, maar van de Vader, die Mij gezonden heeft! Dit heb Ik tot u gesproken, terwijl Ik nog bij u verblijf; maar de Trooster, Ruach haQodesh [de Heilige Geest], die de Vader zenden zal in Mijn naam, die zal u alles leren en u te binnen brengen al wat Ik u gezegd heb. - Nog veel heb Ik u te zeggen, maar gij kunt het thans niet dragen; doch wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid; want Hij zal niet uit Zichzelf spreken, maar al wat Hij hoort, zal Hij spreken en de toekomst zal Hij u verkondigen." (]nxvy Yochanan [Johannes] 14:15-21, 23-24 en 16:12-13). Precies vijftig dagen na de Opstanding van Yeshua werd deze belofte vervuld! En daarom is Shavuot niet alleen voor de Joden, maar zeer zeker ook voor de gelovigen uit de volken waarlijk de vntrvt ]tm ]mz Zíman Matan Toratenu, de tijd waarop wij het ontvangen van de Tora letterlijk als een "geschenk uit de hemel" mogen vieren!

 

Laatste wijziging op: 24-09-2008 09:17